GeschiedenisKop                  
          Schalmei










 















Ontstaan & doelstelling

Door het rijke patrimonium, de cultuur, de geschiedenis en niet te vergeten het “Gèns”, dat bij geen enkel ander dialect aansluit, werd in 1971 beslist om een Heemkundige en Historische Kring op te richten om al deze aspecten nader te onderzoeken en vast te leggen voor de toekomst. Het idee was reeds vroeger gegroeid. Tijdens de Gouwdag van het Verbond van de Heemkundige Kringen in Oost-Vlaanderen in 1969 werd door de Gentenaars, die zelf lid waren van heemkundige kringen uit de randgemeenten, vastgesteld dat Gent - stad zelf geen eigen kring had. Uit dit idee groeiden de initiatieven die spoedig uitmonden in een eerste contactvergadering op 11 januari 1970. Op deze eerste vergadering werden reeds de doelstellingen van de kring vastgelegd:
  • de plaatselijke geschiedenis doen herleven,
  • het bewaren van het erfgoed in al haar aspecten en
  • het historisch bewustzijn van het rijkelijke patrimonium bekend maken en uitdragen.
Aanvankelijk profileerde deze kring zich als de “Gentse Heemkundige Afdeling” van de ‘Koninklijke Bond der Oostvlaamse Volkskundigen, kort nadien werd beslist om de naam te veranderen in Heemkring Gent en later in Heemkundige Kring Gent. Om dit zeer gevarieerd aanbod van het Gentse patrimonium beter te kunnen plaatsen in de tijd werd ten slotte gekozen voor de hedendaagse benaming: Heemkundige en Historische Kring Gent.  


Naam

Daar de doelstellingen en activiteiten van de Koninklijke Bond der Oostvlaamse Volkskundigen té uiteenlopend waren, werd op 9 mei 1971 beslist om een autonome kring op te richten. Op 21 december 1971 verscheen het eerste nummer van “Ghendtsche Tydinghen”, het nul-nummer zoals dit thans aangeduid wordt. Dit nummer werd door talrijke historici, heemkundigen, maar in het bijzonder door de Gentenaar die van zijn stad houdt, enthousiast onthaald. Vanaf 1 januari 1972 tot heden verschijnt thans nog steeds tweemaandelijks het tijdschrift van de Heemkundige en Historische Kring Gent “Ghendtsche Tydinghen” genaamd.


De Heemkundige en Historische Kring Gent

De activiteiten, die in het begin vooral toegespitst werden op het inrichten van activiteiten in en over de Arteveldestad, werden meer en meer gericht op de werking in het Documentatiecentrum voor Streekgeschiedenis. Daar kan ieder lid naast het raadplegen van een rijkelijke bibliotheek, talrijke steun verkrijgen van medeleden, die trouw elke zondag tussen 10 en 12 uur samenkomen in het convent Engelbertus, Groot Begijnhof 46, 9040 St.-Amandsberg. 


De Heemkundige en Historische Kring Gent geeft het tijdschrift "Ghendtsche Tydinghen" uit
sedert 1972.

Wie sedert 1972 lid was en - we kunnen het ons niet anders voorstellen - het tijdschrift heeft bijgehouden, heeft dan op de boekenplank nagenoeg één meter boeiende lectuur over de geschiedenis van Gent staan. In december 1971 verscheen een "speciaal nummer", het z.g. nulnummer, met een woord vooraf, het doel, de activiteiten en de samenstelling van het bestuur (5 pers.). Buiten het bestuur bedroeg het aantal leden vijf personen. Het lidmaatschap werd aangeboden tegen 150 fr per jaar. De eerste twee jaargangen verschenen maandelijks op gestencilde blaadjes van quarto formaat (274x214mm). De eerste jaargang telde 225 en de tweede 252 bladzijden. Het eerste nummer van de 2de jaargang draagt nr 13 maar het tweede nummer van de 2de jaargang werd gewoon nr 2. Met de derde jaargang in 1974 wordt GT op het welbekende 170x242 mm formaat uitgebracht. Vanaf dat moment wordt het ook een tweemaandelijkse publicatie. Vanaf 2015 verschijnt er een afbeelding uit het nummer op de cover en verdween de schalmei die op het voorplat prijkte sinds 1972. Het tijdschrift verschijnt niet meer in juli-augustus. De vijf afleveringen tellen per jaar samen ca 400 pagina's.



Logo


                    GTLogo

Vanaf het begin, bij de oprichting van de autonome kring (1971), werd voor een historisch verantwoord logo gekozen, nl. één van de vier hechtsels van de Gentse schalmeiers met als voorstelling De Maagd van Gent (Gent, STAM). Deze stedenmaagd is gezeten op een troon, onder een baldakijn waarvan het gordijn door twee ridders wordt opengehouden. Een leeuw legt zijn voorpoten op haar schoot; het wapenschild van Gent wordt door twee leeuwen vastgehouden. Deze vuurvergulde zilveren hechtsels werden in 1482 vervaardigd door Cornelis De Bont.




Bibl.: A. Verbeke, Viering van ons 25jarig bestaan, in Ghendtsche Tydinghen, 24ste jg. (nov. 1995), nr. 6, blz. 334-336.